+31 157370486 info@qmes.nl

Praktijkverslag | Draadvormers & Schuimcontrole

in biologische afvalwaterzuiveringsinstallaties

Actief slib

Het meest toegepaste afvalwaterbehandelingsproces is het actief slib procedé. De prestaties van deze systemen zijn afhankelijk van de samenstelling en het gedrag van de microbiële biomassa. Slechte bezinking van de biomassa en schuimvorming vindt plaats wanneer “ongewenste” micro-organismen in de biomassa de overhand hebben. Verhoogde populaties van filamenteuze (draadvormige) micro-organismen zijn hier een voorbeeld van. Hoewel ze deel uitmaken van de inheemse biomassa in een actief slib systeem, kan de ongecontroleerde voortplanting van deze draadvormige microben grote problemen veroorzaken bij de werking van het actief slib systeem.

Filamenteuze Microben – Slechte Bezinking/Schuimvorming

Filamenteuze micro-organismen kunnen bacteriën, schimmels of algen zijn van welke de cellen niet loslaten na hun celdeling of uitgerekte cellen hebben die zich niet gedeeld hebben. Filamenten met zulke cellen komen regelmatig voor. In rioolwaterzuiveringen komen er meer dan 30 verschillende soorten filamenteuze micro-organismen voor. In industriële afvalwaterzuiveringen komen meer verschillende soorten voor vanwege de grotere variatie in afvalwatersamenstelling. De meeste soorten zijn bacteriën.

Oorzaak & gevolg: De ontwikkeling van draadvormige organismen treedt over het algemeen op onder specifieke omstandigheden of als gevolg van een aantal factoren die ofwel alleen of in combinatie met elkaar voorkomen:

  • Extreme weersomstandigheden
  • Wijzigingen in apparatuur of procesconfiguratie
  • Variatie in de influent samenstelling, biocides
  • Proces shutdown/restarts
  • Organische shock belasting of variabele influent stroomsnelheden
  • Overmatig vetgehalten in het influent
  • Septisch influent (sulfiden en vluchtige vetzuren)
  • Hoge slibleeftijden/lage F/M verhouding

Veelvoorkomende problemen waarmee actief slibinstallaties, die “overgroeid” zijn door filamenteuze organismen, worden geconfronteerd zijn:

  • Hardnekkige schuimvorming
  • Slechte slibbezinking (dikke slibdeken, hoog zwevende stof gehalte in effluent)
  • Toename van polymeer/flocculant verbruik
  • Afname van biomassa activiteit
  • Slechte slibontwatering – toename van de slibverwerkingskosten
  • Onvermogen om de slibleeftijd te beheersen

Stapsgewijze oplossingen

Wanneer filamenteuze bulking optreedt dan moet een gedetailleerde analyse van het influent, zuiveringsproces en biomassa uitgevoerd worden. Microscopische analyse van het MLSS en het schuim, indien aanwezig, wordt aanbevolen om de aanwezige filamenten te identificeren en eventuele andere problemen bij de vlokvorming waar te nemen.

Met de diagnose van de oorzaak of oorzaken van het probleem kan een bioaugmentatie programma in combinatie met eventuele aanpassingen in de procesvoering worden opgesteld. De toevoeging van bioaugmentatie producten in combinatie met de juiste operationele maatregelen verminderen de gunstige omstandigheden waaronder draadvormige micro-organismen zich kunnen ontwikkelen door de introductie van competitie voor de voedingsstoffen door vlokvormende stammen en/of destabilisatie van de filamentstructuur.

Praktijkverslag Opstart & Filament Controle in een pulp & papier fabriek afvalwaterzuivering (Engels)

Dit praktijkverslag beschrijft de toepassing en de effecten van bioaugmentatie in een afvalwaterzuiveringsinstallatie van een pulp en papierfabriek bij het opstarten van de nieuwe installatie en het onder controle houden van de ontwikkeling van draadvormers en schuimvorming gedurende een periode van drie jaar.

 

Praktijkverslag Toename in het hergebruik van gezuiverd rioolwater door het controleren van draadvormers m.b.v. bioaugmentatie (Engels)

Dit praktijkverslag beschrijft hoe bioaugmentatie filamenten en schuimvorming vermindert in een gemeentelijke afvalwaterzuiveringsinstallatie, waardoor meer behandeld water opnieuw kan worden gebruikt voor irrigatiedoeleinden.